Geloof, hoop en liefde, deze drie, hier gaat het om, die zijn het belangrijkste.
Maar de meeste van deze is de liefde.
Eigenlijk verwacht je dat niet, dat Paulus dat schrijft. Dat hij het zo schrijft, zo poëtisch. Maar ook dat hij schrijft dat de liefde en niet het geloof het belangrijkste is. Want dat schrijft hij wel, keer op keer in zijn andere brieven. Daar schrijft hij dat geloof het belangrijkste. En steeds geeft Paulus dan als voorbeeld Abraham. Zoals Abraham geloofde en vertrouwde op God, en op de belofte van God, zo moeten ook wij geloven en vertrouwen op God. Het was Luther die volgens de overlevering nu juist in deze woorden van Paulus dat het om het geloof gaat, inspiratie vond om de misstanden in de Kerk van zijn tijd aan de kaak te stellen. Het werd tot de lijfspreuk van de reformatie: geloof alleen, sola fide.
Onze kerk is gebouwd op het geloof van ons voorgeslacht.
Om het geloof zijn de vluchtelingen uit de Nederlanden weggetrokken.
Om het geloof hebben ze hier in Londen een kerk gekregen.
Om het geloof komen wij hier na 460 jaar nog steeds samen.
En toch schrijft Paulus: geloof, hoop en liefde en het meeste daarvan is de liefde.
De prachtige tekst van Paulus over de liefde lezen we vaak bij huwelijksvieringen.
Maar Paulus schreef deze woorden bepaald niet in een romantische context. Hij schreef ze aan een gemeente - de gemeente in Corinthe - die intern zeer verdeeld was en met elkaar overhoop lag. Het is goed mogelijk dat Paulus deze prachtige poëtische tekst over liefde inlaste in zijn brief, dat het een citaat is, Zoals wij dat ook wel doen. Je leent woorden van een ander, een gedicht bijvoorbeeld, omdat die woorden precies verwoorden wat je wilt zeggen. Zo zegt Paulus het ook. Als hij 12 hoofdstukken lang heeft geprobeerd om met veel verstandelijke argumenten de ruziemakende Corintiers te overtuigen, dan zegt hij , ik weet een betere weg. Ik wijs u op een weg die voortreffelijk is en dan schrijft hij zijn beroemde woorden.
Corinthe in de dagen van Paulus was een welvarende stad. “Booming”. Een havenstad. Een handelsstad met uitstekende verbindingen. Een materialistische stad ook, veel mensen die er woonden waren rijk en hadden het gemaakt. En dat kon alleen omdat er ook een onderklasse was van slaven. Het was ook een stad van veel verschillende culturen, religies en filosofiën.
Paulus komt op zijn tweede zendingsreis via Fillipi, Thessalonika en Athene in Corinthe. Vermoedelijk in het jaar 50. Hij sticht er een gemeente en we nemen aan dat hij dat heeft gedaan zoals hij dat ook op andere plekken deed. Hij sloot zich aan bij de plaatselijke synagoge, oefende een beroep uit. Via de synagoge en via zijn werkplaats kwam hij in aanraking met mensen. Met joden, maar ook met Grieken. Met vrijen en ook met slaven. Met mannen en met vrouwen. En hij vertelde hun over Jezus van Nazareth en stichtte er een christelijke gemeente.
Paulus blijft anderhalf jaar jaar in Korinthe en dan reist hij terug naar Jeruzalem. Hij heeft het moeilijk gehad met de Corintiërs. Dat kun je lezen in zijn brieven. Er is verdeeldheid, er zijn veel misverstanden, er is onenigheid, er zijn meerdere partijen, er is jaloezie en ruzie.
In de brief behandelt Paulus één voor één alle vraag- en twistpunten. De losse sexuele moraal, het feit dat de Corintiërs hun onderlinge verschillen voor de rechter menen te moeten uitvechten, het wel of niet mogen eten van vlees dat in de tempels aan goden is geofferd. Een groot deel van de brief gaat over de onderlinge samenkomsten, de kerkdienst zeg maar. De positie van de vrouw, de viering van de maaltijd van de Heer.
De onenigheid en verdeeldheid in Corinthe loopt hoog op. Sommige mensen proberen hun gelijk te krijgen door te wijzen op het feit dat zij wel over heel bijzondere gaven beschikken. Ze kunnen goed spreken, of hebben veel kennis of wijsheid. Prachtig al die gaven, al die talenten. Maar Paulus houdt een hartstochtelijk pleidooi voor de eenheid van de gemeente.Hoe kunnen jullie nu zo denken, het is toch een en dezelfde geest, de geest van God die de gaven aan ieder van ons afzonderlijk toebedeelt? Wij zijn allemaal als ledematen van een lichaam, het lichaam van Christus. En geen van de ledematen, geen van de lidmaten, kan tegen de ander zeggen ik heb jou niet nodig. Zoals een hand dat in een menselijk lichaam ook niet tegen een voet kan zeggen. Of een oog tegen een oor. En dan schrijft, dan verzucht Paulus, ik weet nog een betere weg. De enige manier om met verschil, om met die heel verschillende gaven om te gaan is de liefde.
Al kun je nog zo prachtig spreken en preken,
maar je hebt de liefde niet,
dan wordt het niets.
Al ben je nog zo’n goed mens, je geeft alles weg,
je cijfert je zelf helemaal weg,
maar je hebt de liefde niet, dan ben je niets.
Al bezit je veel kennis en wijsheid, al ben je nog zo gelovig, dan nog
als je geen liefde hebt, dan is het niets, dan wordt het niets.
Al die dingen waar wij zo trots op zijn zoals kennis en wijsheid, ach die gaan voorbij,
maar de liefde die blijft altijd bestaan.
De liefde waar Paulus het over heeft is een heel bijzondere liefde.
Zij is lankmoedig en goedertieren. Zij is niet afgunstig en ze kwetst niemand. Die liefde zoekt zichzelve niet, is niet uit op eigenbelang maar op het belang het welzijn van de ander. Als je zo in de gemeente met elkaar omgaat, dan gaat er van de gemeente een kracht uit, een warmte die onweerstaanbaar is.
Die liefde komt niet uit onszelf. Die liefde komt van God. Want God is liefde.
Paulus schrijft brieven aan de gemeenten die hij heeft gesticht. De gemeente in Corinthe, in Fillippi, in Thessalonika, in Galatië. Je moet de woorden van Paulus dus lezen in de context, dat wil zeggen tegen de achtergrond van die gemeente. Zo schrijft Paulus aan de gemeente in Galatië dat het aankomt op geloof en niet op de het plichtsgetrouw naleven van de wet alleen. De Galaten waren in verwarring gebracht of Paulus nu toch wel gelijk had. En aan de gemeente in Tessalonika,schrijft Paulus ook dat geloof, hoop en liefde het belangrijkste zijn maar daar benadrukt hij toch vooral de hoop, dat ze de moed niet opgeven.
En nu is de vraag, wat zou Paulus aan de gemeente London geschreven hebben? Wat is in onze context, tegen onze achtergrond het belangrijkste? Geloof, hoop en liefde. Deze drie. Maar welke is het belangrijkste?
Misschien zou Paulus in een brief aan ons toch vooral de hoop benadrukken.
En net als toen zou hij wellicht een poëtische tekst hebben gebruikt en verwerkt om zijn gedachten onder woorden te brengen. Een gedicht in dit geval van Charles Péguy over het kleine meisje hoop.
Lieve gemeente in london,
Wij zijn God dankbaar voor jullie geloof. Het geloof draagt ons. Vandaag kijken we vol dankbaarheid terug naar die lange stoet van mensen, pelgrims, de heiligen die ons zijn voorgegaan, op de weg van geloof.
Wij zijn God dankbaar voor de liefde, die jullie onderling betonen. Om liefde gaat het. Liefde is wat samenbindt Zonder de liefde is de gemeente als los zand.
Geloof, hoop en liefde, deze drie. Daar gaat het om. Maar het meeste van deze drie is in deze tijd misschien wel de hoop. Ik dank God voor het wonder van de hoop.
Geloof, hoop en liefde, kun je zien als drie vrouwen. Geloof is een oude vrouw. Een wijze vrouw. Liefde is haar dochter, naar hoop is het kleine meisje, de kleindochter. Het kleine meisje dat tussen oma en moeder inloopt. Nu zou je denken dat die twee vrouwen dat kleine meisje hoop bij de hand nemen, dat zij haar de weg wijzen, dat je geloof en liefde nodig hebt om te hopen.
Maar het is andersom. Hoop is hoe klein en kwetsbaar en hoe angstigs soms ook, degene die geloof en liefde bij de hand neemt. Zij laat mensen zien, soms even,
wat in het leven mogelijk is.
Zij, die kleine, sleept alles mee.
het is dat kleine meisje hoop
dat al wat tussen mensen leeft
en al hun heen en weer geloop
licht en richting geeft.
Want het is dat kleine meisje hoop
je ziet het zwak zijn, bang zijn, beven,
je denkt soms dat het zo onooglijk is –
het is dat kleine meisje hoop
dat de mensen zien laat, zien soms even,
wat in het leven mogelijk is.
Ik eindig met een groet: De genade van de Heer Jezus zij met u.
Mijn liefde gaat uit naar u allen, met wie ik een ben in Christus.
Paulus.
Amen
ds. Juup van Werkhoven-Romeijn




euwe uitgave van de beknopte geschiedenis van de Nederlandse Kerk is nu, zowel in het Nederlands als in het Engels, te koop. De kosten bedragen per boekje £3 bij contante betaling en £4 bij betaling per cheque inclusief portokosten. Vanuit Nederland kunt u de boekjes bestellen door een bedrag van € 5,50 per boekje over te maken op rekeningnummer 3402644 t.n.v. Dutch Church in London.