Leven met verwachting

I531 Portinari altarpiece Hugo van der Goes 1475–1478 17.11.15Verwachting: daar draait het om in de weken vòòr Kerst. Een verwachting die wordt opgewekt door de sterren, die jou wijzen naar geluk dat ergens sluimert. Lichten die je voeren naar een thuis, waarvan je alleen maar kunt dromen. Het heeft talloze mensen gedreven, zij lieten hun thuisland achter zich en gingen op weg- in de verwachting dat het elders beter zou zijn. Het is het verhaal van miljoenen vluchtelingen die momenteel op de vlucht zijn. En het is vermoed ik ook het verhaal van velen van ons. Wij hebben ons thuisland achter ons gelaten in de hoop op een ander, beter leven. Een leven zonder verwachting is voor ons haast niet voor te stellen. Dat is als leven in een donker heelal.
Maar dat is slechts de ene kant. Verwachtingen zijn ook vaak de hoge eisen die wij stellen aan onszelf, aan anderen, en aan het leven. Alsof wij die sterren zelf van de hemel moeten plukken. En als dat niet lukt- natuurlijk lukt het niet, want sterren zijn immers onbereikbaar- dan zij wij teleurgesteld: in de ander, in onszelf en in het leven. De lichten doven, en de donkere bitterheid krijgt ons in zijn greep.

Innerlijk verlangen
Misschien spelen verwachtingen zich dikwijls wel af in ons innerlijk. Wij verlangen naar een thuis, wij willen Kerst vieren met een stralende hemel boven ons, en vol gouden sterren. Wij verlangen naar een wereld vol vrede met Kerst, en een thuis vol gezelligheid en vooral zonder ruzies en irritaties.
Maar daarmee leggen wij de lat hoog. En wij eisen dat wij zelf ook aan die hoogste verwachtingen voldoen. Dat wij onze eigen hemel zijn. En dus kijken wij met enige argwaan naar onszelf en naar de ander- het zal toch niet eindigen in een teleurstelling? Wij grijpen naar het hoogste en wij verdenken onszelf en de ander van het laagste. En in dit alles verliezen wij het zicht op de sterren, die ons wijzen naar het geluk.

Het verlangen van Kerst
En toen werd het Kerst. Zomaar en ongevraagd sprak iemand een verhaal over God en mens, God in de mens, en over geboren worden. Het verhaal laat ons weer een hemel zien, een aarde die niet plat is maar die gevuld is met hoop, liefde en vrede. Zeker, dat is nogal wat en het is gemakkelijk om daar wat badinerend over te doen. Maar als wij niet willen leven met het weerloze, het kwetsbare en het onnoembare dat God heet, de overgave van de liefde, waar leven wij dan nog voor? Dan doven de sterren.

Daarom zou iedereen Kerst moeten vieren: gelovig of niet gelovig. Want het gaat om dat allerkostbaarste: licht zien in het donker, geloven in het weerloze van een kind, in geluk dat ergens sluimert.

Ds. Joost Röselaers