Tagarchief: uitgelicht

In Focus: Talitha Frohn

Elke twee maanden wordt voor Kerknieuws iemand geïnterviewd die op de een of andere manier betrokken is bij de Nederlandse Kerk. Deze keer is Talitha Frohn geïnterviewd, zij is de vrouw van onze nieuwe predikant, Bertjan van de Lagemaat. Zij hebben vier kinderen, Thijmen, Mette, Brecht en Lasse.

1. Waar ben je opgegroeid? En wil je iets vertellen over je werk in Nederland?
De eerste jaren van mijn leven heb ik in de Zaanstreek gewoond. De Hollandse molens aan het water en de karakteristieke, groene, houten huisjes zijn een vertrouwd beeld voor mij. Mijn middelbare schooltijd heb ik doorlopen in Amsterdam en van daaruit ben ik naar Groningen gegaan om Godsdienstwetenschappen te studeren. Groningen is een heerlijke stad voor een student. Het heeft veel te bieden en tegelijkertijd heeft het ook een zekere intimiteit. Ik heb er veel leuke mensen leren kennen waarvan ik met veel nog contact heb en met één ervan ben ik zelfs getrouwd! Tijdens mijn studie heb ik mij gespecialiseerd in de geestelijke verzorging. Na mijn studie ben ik als geestelijk verzorger aan het werk gegaan. In de ouderenzorg en in de zorg voor dak-en thuislozen. Ik heb negen jaar als straatpastor gewerkt. Het was mijn taak om dak- en thuislozen ruimte te bieden voor gesprekken over hun leven, over hun hoop en wanhoop, hun verlies en over hun kwetsbare dromen. Een aantal jaren heb ik het werk als straatpastor gecombineerd met mijn werk als geestelijk verzorger in de psychiatrie. Maar inmiddels waren en er ook drie kinderen die ons leven verrijkten en heb ik gekozen voor de psychiatrie. Dat heb ik de laatste jaren met veel enthousiasme gedaan. Ik heb veel mensen voor korte of langere tijd mogen bijstaan in moeizame, verdrietige en eenzame periodes van hun leven. Altijd ben ik met hen op zoek gegaan naar openingen in hun eigen verhaal en in hun eigen duisternis. En altijd heb ik geprobeerd om hen te bekrachtigen in hun strijd of zoektocht met en in het leven.

2. Kom je uit een kerkelijk gezin? Hoe zou je jouw geloof of levensovertuiging beschrijven?
Ik kom niet uit een kerkelijk gezin maar wel uit een gezin waar altijd aandacht was voor verschillende geloofsopvattingen, levenswijsheid en levensovertuiging. Dat ik Godsdienstwetenschap ging studeren had alles te maken met mijn fascinatie voor de manier waarop mensen betekenis geven aan hun leven en hierin zoekende zijn. In de loop van de jaren heb ik veel vieringen gedaan met daklozen en met cliënten in de psychiatrie. Deze vieringen hadden altijd een open christelijk karakter. Ik voel mij vrij om te werken met verhalen uit verschillende tradities en te putten uit de rijkdom aan oude en nieuwe verhalen. En dat zegt ook iets over mijn levensovertuiging. Ik heb een open houding ten aanzien van het christelijk geloof en omarm of laaf mij aan wat mij ontroert of inspireert. Maar ik word niet gehinderd door dogma’s.

3. Wat zijn je eerste indrukken van leven en wonen in Engeland?
Ik ben er heel open ingestapt deze zomer. Eigenlijk niet heel veel anders dan wij eerder hebben gedaan in Ten Boer en Beetsterzwaag. Ons motto is altijd: we doen overal aan mee en dan zien we wel. Dat brengt ons altijd op leuke en verrassende plekken en we ontmoeten veel verschillende mensen. Tijdens mijn studie heb ik veel gedaan met participerende observatie en die onderzoeksmethodiek komt nu goed van pas. Door daar waar je aanwezig bent al je zintuigen in te zetten, leer je veel over de plek waar je bent, de mensen die je daar ontmoet, hoe deze mensen met elkaar verbonden zijn en wat zij belangrijk vinden. Voorlopig ben ik nog aan het ontdekken en geniet ik van de vele nieuwe ervaringen en ontmoetingen.

4. Kunnen de kinderen al wennen aan hun nieuwe omgeving?
Onze kinderen vind ik stuk voor stuk erg dapper. Ik heb erg veel bewondering voor hun instelling en veerkracht. De kinderen hadden het erg goed in Beetsterzwaag maar hebben de nieuwe stap altijd omarmt. Ze doen het alle drie heel erg goed op school en ze gaan iedere dag met frisse moed en energie op weg en ze komen altijd enthousiast weer thuis. Ik hoop heel erg voor hen dat zij in de loop van het jaar ook wat meer vrienden zullen krijgen en dat op school steeds zichtbaarder zal worden wie en hoe zij zijn.
Talitha Frohn werd geïnterviewd door Ditte Donnelly

Verwacht het onverwachte

19 medailles
‘Nederland haalt 19 medailles bij de Olympische Spelen in Pyeongchang’, kopte de NOS-site eind oktober. De verwachtingen voor de komende Winterspelen zijn hooggespannen, maar bovendien goed onderbouwd. Een sportdata bureau heeft allerlei berekeningen gemaakt en daar komt uit dat Nederland straks 6 gouden, 9 zilveren en 4 bronzen medailles haalt. Prachtig hoe ze dat allemaal kunnen berekenen tegenwoordig zou je denken. Maar, zo luidde het commentaar van de chef de mission, die berekeningen zeggen niks. Het is tot nog toe nooit gegaan zoals de berekeningen voorspelde.

Liever berekenen dan verwachten
Bijzonder eigenlijk. Sporters en coaches zeggen dat je er niets mee bereikt en toch wordt er veel geld en tijd gestopt in het maken van berekeningen. Niets moet aan het toeval overgelaten worden. En zo gaat het niet alleen in de sport. Verkiezingsprogramma’s, regeerakkoorden en welke plannen dan ook; We moeten ze eerst laten doorrekenen. Ja, soms lijkt het dat we heilig geloven in berekeningen en voorspellingen. Al komen ze zelden uit. De economie houdt zich bijna nooit aan de voorspellingen, peilingen zitten er standaard naast. Als we de berekeningen moesten geloven was Hillary Clinton nu president van de USA en leefden we al anderhalf jaar met de geruststellende gedachte dat de Britten gewoon in de EU zouden blijven. En ook al gebeurt het vaak dat de dingen anders gaan dan we dachten, we zijn toch iedere keer weer van slag als het gebeurt. Wij mensen houden nu eenmaal niet van het onverwachte.

Voorspellende wijzen en een berekenende koning
Is dat nu iets van deze tijd, dat we alle onzekerheid willen uitbannen en proberen weg te redeneren? Volgens mij niet. Ook in het kerstverhaal gebeurt het. Wijzen proberen aan de hand van de sterren de toekomst te voorspellen. Zij worden verrast door een wonderlijke ster, die hen voor een raadsel stelt. Ze moeten achter hun schrijftafels vandaan komen om dit onverwachte fenomeen met eigen ogen te gaan aanschouwen. En dan is er koning Herodes die alles in het werk stelt om mogelijke aanvallen op zijn troon te berekenen en voortijdig te elimineren. Maar wetenschappelijke voorspellingen van wijzen of de berekenende kindermoord van een boze koning kunnen het script van het kerstverhaal niet veranderen.

Kerst is het feest van het onverwachte
Het kerstverhaal laat zien dat je altijd het onverwachte mag verwachten. Gods verhaal met de wereld houdt zich niet aan statistieken. Gods verhaal is het verhaal van een koningskind geboren in een stal. Het is het verhaal van hemelse engelen die eenvoudige herders een groot Gloria toezingen. Kerst laat zien dat je, temidden van alle doemscenario’s die met alle berekeningen onontkoombaar lijken, niet hoeft te wanhopen. Je mag het onverwachte verwachten. Wie daar voor open staat zal onverwacht lichtpunten zien in de donkere nacht. Wie die gave bezit is als de drie wijzen. Zij zagen een licht stralen in de duisternis. In dat licht wens ik u een onverwacht mooi kerstfeest toe!

Ds. Bertjan van de Lagemaat

Theoloog des Vaderlands

Tja daar sta je dan, en hebben ze je net Theoloog des Vaderlands genoemd.

Ik moest denken aan al die keren dat ik buiten de kerk mensen heb gehuwd en uit-gevaren. Ook moest ik denken aan de tragische situaties waar ik in belandde als buitenkerkelijke pastor. En hoe mij soms gevraagd wordt, om in het geval van een overlijden, God niet te noemen. En toch willen mensen dan graag dat ik kom. En dan doe ik tijdens de uitvaart een groot kruis om, om te laten zien: ‘hier ben ik van’, vanuit hier leef en deel ik verder.

Maar ook aan hoe ik, toen ik in Londen woonde en werkte, in een naar binnenge-keerde zoektocht naar geluk, kennismaakte met een orthodoxe priester en hoe mijn leven werd opengebroken. Hoe ik een kader vond om vanuit te leven. En aan de carrièreswitch die daarop volgde.

En dan voelt zo’n titel als een erkenning en een steun in de rug. Ik kreeg veel warmte vanuit mijn omgeving. Bijzonder. Ik besef dat veel mensen nooit of nauwe-lijks erkenning krijgen voor wat ze doen.

Naast alle felicitaties en steun, kwamen de zondag na de zaterdagavond, al de eer-ste mails binnen met verzoeken. En ook de teleurgestelde reacties op social media waarin ik al neergezet werd voordat ik de kans uberhaupt heb gekregen. ‘Zo’n vrij-zinnige, die kunnen alleen maar horziontaal spreken’. Eerlijk gezegd veerde ik daar ook van op: Dat zullen we nog weleens zien, dacht ik bij mijzelf. Een dominee die in een dorp werkt mailde dat hij het jammer vindt dat alleen stadse, elitaire figuren voor dit soort dingen in aanmerking komen. En wij dan, met onze poten in de klei? Ik begrijp heel goed wat hij bedoelt. Ook kreeg ik een heuse haatmail. Een collega schreef mij: ‘behalve lichtopsteker ben je dit jaar ook bliksemafleider’.

Ik heb 10.000 euro gekregen om een oecumenische schrijversdenktank te vormen, breder dan de christelijke traditie alleen. We gaan de gebedsregels uit het Onze Vader uitdiepen om bij te dragen aan een existentiele ruimte en gesprekskader, een heilige ruimte, die wij, zo vermoed ik, in de samenleving missen.

Claartje Kruijff