Moedig op weg naar het onbekende land

Op zoek naar de datum van een afspraak die ik aan het begin van de lockdown had, ging ik mijn agenda nog eens door. Ik bladerde terug langs allerlei Zoommeetings met de kerkeraa­­d, de consulenten, mijn Church of England collega’s, het Dutch Centre en Vereniging Neerlandia. Ik begin inmiddels een aardige expert te worden op het gebied van online vergaderen. En toen ik terugdacht aan al die meetings viel me op hoeveel ontwikkeling er eigenlijk in die korte tijd is geweest. De eerste vergaderingen zaten we wat versuft bij elkaar, overvallen door de plotselinge lockdown en waren we druk om allerlei activiteiten af te lasten of uit te stellen. Vervolgens schakelden we met frisse energie over op de vraag: ‘Hoe kunnen we in de lockdown toch iets doen en betekenen’. Na de teleurstelling en schok van het begin, gaf dat veel nieuwe energie en positiviteit. We moeten er wat van maken.

Wat de toekomst brenge moge….
Maar ook dat begint nu weer te veranderen. Door de verlichting van de lockdown, mogen we inmiddels weer wat meer en kunnen we voorzichtig nadenken over hoe we het ‘normale’ leven weer op kunnen pakken na de zomer. Maar dat gaat op één of andere manier niet gemakkelijk. Waar we eerst goede moed hadden dat, als we even zouden doorbijten, het straks wel weer goed zou komen, zijn we onzeker geworden. Het duurt allemaal lang, wereldwijd groeit het aantal besmettingen nog steeds en we moeten rekening houden met een tweede golf. We worden er onzeker en somber van. In de roman ‘Het beste wat we hebben’ van Griet op de Beeck las ik daarover een mooie zin: ‘Het onbestemde, dat kunnen mensen niet verdragen’. De onzekerheid en het onbestemde van de nabije toekomst zit ons in de weg. We zijn gewend alles onder controle te hebben, en nu zijn we die controle opeens kwijt. Je kunt zomaar ziek worden, je kunt zomaar weer in lockdown terecht komen, je kunt zomaar je baan verliezen. Wat de toekomst brenge moge…. we weten het niet.

Moedige verhalen uit Genesis
Juist in zo’n tijd hebben we verhalen nodig die ons moed en hoop geven. Als zekerheden wegvallen wil je je ergens aan vast kunnen houden om moedig de ogen op te kunnen slaan naar het onbekende land. Ik zocht voor de zomerdiensten naar verhalen die daarbij kunnen helpen en vond die verhalen helemaal aan het begin van de bijbel. In Genesis lezen we over Noach, over Abraham, Sara en Jakob. Voorbeeld gelovigen zou je ze kunnen noemen omdat zij, in situaties waarin zij vast leken te zitten, zonder uitzicht, hun ogen durfden richten op het onbekende land, met vertrouwen en met moed. Een vertrouwen waar zelfs God iets van kan leren.

Een zwaluw maakt zomer
Die verhalen mogen ons ook houvast bieden. Ooit leerde ik daar een liedje over, een lied over die voorbeelden uit Genesis die hun weg gingen met vertrouwen en verlangen. Het refrein van dat liedje luidt: Eén zwaluw maakt zomer, één duif niet gezwicht. De droom van één dromer, wekt schaduw tot licht. Met zulke liedjes van verlangen en met die hoopvolle verhalen moet het ons ook lukken om moedig de ogen op te slaan naar het onbekende land. Wat de toekomst ook brenge moge…

Ds. Bertjan van de Lagemaat

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten